Zuivelfabriek jubileumboek

 

In 1913 bestond de zuivelfabriek 25 jaar. Ter gelegenheid daarvan werd een gedenkboek uitgegeven. Hieronder staat de tekst en de foto's uit dat boek. De foto's zijn ook groot te bekijken, klik daarvoor hier .

 

 

 

 

  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

   Op den 14den Februari in den jare 1888 vergaderden de heeren A. Draisma de Vries, D. M. Anema, H. Frietema, L. W. Anema, L. Oosterbaan, T. W. Anema als mondeling gelastigde voor de Wed. W. W. Anema, P. Tanja, O. Tanja, A. Swart, D. D. de Boer Sr., A. W. Oosterbaan, D. J. Lont, J. Koudenburg en A. Hofstra als mondeling gelastigde voor de Wed.

K. A. Hofstra, ter bespreking der mogelijke oprichting van eene cooperatieve stoom zuivelfabriek.

   Het presidium werd waargenomen door den EdelAchtbaren heer A. Draisma de Vries, thans nog burgemeester van de gemeente Franekeradeel, waarin de zetel der vereeniging is gevestigd. Door dezen werd ingezien en gevoeld de druk, die heerschte onder de veehoudende bevolking hier. Hij gaf zich, welwillend, belangeloos met en onder hen om eene cooperatieve vereeniging op te richten, die eene stoomzuivelfabriek zou stichten om voor gemeenschappelijke rekening de melk, verkregen op hunne boerderijen, te bereiden tot zuivel, dat beter aan de eischen van handelaar en consument zou kunnen beantwoorden.

   Tevens door het eendrachtig optreden van menschen met een en dezelfde belangen zou men zich krachtiger gevoelen dan de enkeling op zich zelf. Door den heer Draisma de Vries, dit dient gememoreerd, werd de grond gelegd van de vereeniging, die thans haar 25-jarig bestaan herdenkt. Een woord van dank en hulde vinde hier een plaats.

In genoemde vergadering werd na uitgebracht rapport door den voorzitter over een gebracht bezoek aan de bestaande zuivelfabrieken te Warga, Tjummarum en Klooster- Anjum besloten tot oprichting eener cooperatieve vereeniging voor zuivelbereiding. De fabriek zou worden gesticht om de melk van +/- 400 koeien te verwerken.

   Statuten en Huishoudelijk Reglement waren al reeds ontworpen, mede bestek en teekening voor de gebouwen. Alles werd aan de goedkeuring der vergadering onderworpen en aldus aangenomen.

   In de statuten was opgenomen, dat het bestuur zal bestaan uit 3 personen, waarvan minstens twee borgstellende leden; een ander artikel luidde: op gelijke wijze wordt voor elk bestuurslid een plaatsvervanger aangewezen. Na de verkiezingen en verdeeling der functiŰn was de samenstelling als volgt:

 

Het bestuur,                                             Het pl.v.v. bestuur,

 

A. DRAISMA DE VRIES,      voorz              L. OOSTERBAAN,         voorz

D. M. ANEMA,                     secr.                R. WITEMA,               secr.

L. W. ANEMA,                     penn.               H. FRIETEMA,             penn.

 

   Het stichtingskapitaal werd in hoofdzaak bijeengebracht door de volkomen medewerking van den voorzitter.

   Het bouwen der fabriek werd volgens opgemaakt plan opgedragen aan nu wijlen Fokke R. Bruinsma, timmerman te Achlum, op een terrein aangekocht van mej. de wed. W. W. Anema.

   De levering van stoomketels, machine en drijfwerk werd bij inschrijving gegund aan de heeren Sepp & Co. te Enschede, de levering van centrifuges c.a. (systeem Burmeister & Wain) aan den heer F. H. Pyttersen te Sneek en de levering van transportkannen (met bijbehooren) aan den heer L. Hoekstra te Franeker.

   Op den 21 sten A pril werd weer eene vergadering van leden gehouden, waarin o.a. de aanstelling van het personeel werd medegedeeld, doch welke vergadering ook overigens belangrijk genoeg is om in dit gedenkboek te worden gememoreerd. De eerste steen zal  worden gelegd aan het gebouw, afdeeling van de machinekamer. De vergadering werd een wijle geschorst en begaven zich de leden naar het terrein.

De uitvoering van dit feit is opgedragen aan den nestor onder de leden, den heer A. W. Oosterbaan.

Na het verrichten dezer handeling zegt de voorzitter ongeveer het volgende:

  ,,Enkele weken geleden was geheel Nederland in rep en roer en werd er gestreden, met verbittering zelfs gestreden, door ultramontanen, anti-revolutionairen, liberalen, algemeen-stemrechters en radicalen (meer of minder rood) om het meesterschap bij de stembus."

   ,,Door heel Nederland, in ons Friesland niet het minst, was bijna ieder door de verkiezingswoede meegsleept geworden en dacht men haast bijna uitsluitend dßßraan. En toch, in diezelfde dagen, kon men hier te Achlum af en toe eene vergadering van mannen zien samenkomen, van mannen, wat hunne staatkundige gevoelens betrof tot verschillende der vele van de zooeven door mij genoemde partijen behoorende, maar nimmer werd in die vergaderingen een enkele dissonant, een enkel woord van verschil gehoord en kenmerkten zich die vergaderingen door een welwillenden toon en een geest van samenwerking, als ik zou wenschen, dat steeds bij elke vergadering mocht voorzitten. Wat het resultaat dezer vergaderingen is geweest, aanschouwt ge hier, zie rondom U."

   ,,En op den gedenkwaardigen 20sten Maart 1888, de dag waarop de slag bij de stembus geleverd werd, de dag waarop de partijen de triomf van hun wroeten hoopten te ontvangen, op dien dag kon men tegelijkertijd in de Nederlandsche Staatscourant lezen het resultaat van de werkzaamheid en de vriendschappelijke samenwerking van eenige landbouwers van Achlum, kon men in de officieele courant van Nederland vinden de statuten der Vereeniging de Cooperatieve Stoomzuivelfabriek ,,Achlum" te Achlum. Ziet mijne vrienden, dat is eene tegenstelling, die ik met genoegen in herinnering breng."

   ,,En als we dan nu zien hoe dit gebouw met de symbolische handeling, die we zoo even zagen verrichten als het ware aan zijne bestemming toegewijd is geworden door den oudste onder U, hier op deze plaats, vanwßßr - binnen enkele weken, ja weinige dagen, de drijfkracht zal uitgaan om daar ginder een dood stuk ijzer om zijn as te laten draaien, om daarmee de werktuigen in beweging te brengen,waarop Gij, en terecht, Uw hoop gevestigd hebt, als we dan zien hoe een 76-jarige nog moed genoeg heeft om te breken met het oude en vol vertrouwen mee in praktijk helpt brengen de resultaten der "wetenschap op het gebied der zuivelbereiding, welnu dan deelen wij, hem volgende, zeker allen dat vertrouwen en bezielt ons goede moed voor de toekomst."

   ,,De goede harmonie, die tot heden al de werk"zaamheden kenmerkte, blijve daartoe ook in de toekomst bestaan".

   ,,Aan het gebouw, waaruit het levenselement der fabriek moet voortkomen, dat de bron der werkkracht zal zijn, daaraan is thans de eerste steen gelegd en daarmede de stichting der fabriek als 't ware officieel "aangekondigd. Wat die fabriek zal zijn, wat de toekomst dienaangaande zal openbaren, we weten het niet, maar, zooals zooeven reeds gezegd, men heeft recht vol vertrouwen op hare gunstige resultaten te zijn."

   ,,Wat we wel weten is dat ze een ommekeer zal teweeg brengen in de huisgezinnen der landbouwers en dat ze niet het minst de moeilijke taak der boerin zal verlichten".

   ,,Wordt daardoor op de boerderij in het bijzonder aan het vrouwelijk personeel eenig werk ontnomen, op deze plaats vinden integendeel weer vele nijvere handen werk, zoodat het maatschappelijk vraagstuk er niet door bemoeilijkt wordt, integendeel, indien deze stichting Uwe bronnen van inkomsten rijker doet vloeien - en om dit doel werd zij mede in het leven geroepen - dan zal ze aan de goede oplossing van het maatschappelijk vraagstuk ten goede komen." 

   ,,Ik eindig en wel met dezen wensch:"

   ,,Mogen we allen, in het bijzonder de hoofdpersoon in ons midden, deze handeling in aangename herinnering behouden, d.w.z. moge de fabriek aan haar doel beantwoorden"

   Aan de voltooi´ng van het gebouw werd doorgewerkt en moest dus ook worden voorzien in de krachten, die met de uitvoering zouden worden belast om van de aangevoerde melk boter en kaas te maken enz. Tot hoofdwerklieden waren aangesteld Harmen Murks Bottema en Sijtske Jans Rauwerda, echtelieden te Roordahuizum, de vrouw aangesteld voor de bereiding van de boter, de man voor de bediening der centrifuges en het houden van algemeen toezicht; als kaasmaker Jan Wagenaar te IJlst en als machinist Harmen Reslinga te Arum. Op den 26sten Juni 1888 werd de eerste melk aangevoerd en was dus de fabriek in werking gesteld. Het aantal leden vermeerderde gestadig, doch ook de bezwaren bleven niet uit. Het stichtingskapitaal, geraamd op 20 mille, bleek te weinig, er moest nog ruim f 2000.- meer betaald worden; ook de zaken in het bedrijf vielen als eens tegen. Bottema en vrouw vertrokken en werden aan~esteld Theunis de Jong en echtgenoote te Wieuwerd.

   Aldus werd doorgewerkt, totdat in eene ledenvergadering, gehouden 14 April 1893, werd besloten een beheerder aan te stellen. In eene volgende vergadering, gehouden 27 Mei 1893, werd als zoo danig benoemd de heer R. M. Veeman te Oudebildtzijl.

Bij de aanvaarding der betrekking als beheerder der vereeniging was het ledental sedert de oprichting vrij stationair gebleven, wel was aan de fabriek meer melk aangevoerd, doch dit kocht de vereeniging van derden (losse leveranciers). Een jaar, nadat de heer Veeman hier optrad als beheerder was het ledental reeds verdubbeld en moest ook tot groote uitbreiding worden overgegaan van de gebouwen. De verbouwing dienaangaande werd bij aanbesteding volgens de inschrijvingen gegund aan den timmerman nu wijlen Fokke Rients Bruinsma alhier, voor de somma van f 4531.-.

 

   Destijds werd voor den beheerder een woning gehuurd, doch door aankoop van een pand veel dichter bij de fabriek gelegen had men ook eene directeurswoning. Dit pand A 29 werd aangekocht van den heer U. Sierdsma alhier.

   Na de uitbreiding van de gebouwen werd het benoodigde stichtingskapitaal per rest groot f 15,000.-, dat door leeningen gevonden was bij diverse eigenaren en leden door eene te sluiten leening bij de Algemeene Maatschappij van Levensverzekering en Lijfrente te Amsterdam groot f 25,000. -, afgelost. Deze omwisseling van schuld vond plaats in Augustus 1894.

Bij het tot stand komen der nieuwe gebouwen bleek nog te weinig kapitaal aanwezig te zijn en werd een onderhandsche leening gesloten met Mevr. de Wed. Wiebes te Bolsward, groot f 4000.-. Ook werd de persoonlijke borgtocht door den beheerder gewijzigd in een geldelijke storting van f 3000.-.

   Na de uitgevoerde verbouwingen beschikte men over een afzonderlijke ruimte voor perslokaal, botermakerij en melkkoellokaal in het nieuw aangebouwde gedeelte. Inwendige veranderingen bleven echter ook niet uit; in 1895 besloot men de Burmeister en Wain's centrifuge af te schaffen en daarvoor in de plaats te Holland Alfa,-laval centrifuge. Deze wijziging vond hare toepassing met het oog op de scherpere uitrooming van de laatste soort.

   De kwestie betreffende het vetgehalte in de melk wordt reeds meermalen op bijeenkomsten van leden door den beheerder naar voren gebracht om aan de leden die zaak te doen kennen. De leden worden ingewijd in de toekomstige betalingswijze der melk naar vetgehalte.

   In eene ledenvergadering gehouden in Februari 1897, deelde de voorzitter aan de leden mede, dat de beheerder Veeman zijn ontslag had aangevraagd tengevolge eene benoeming in gelijke betrekking aan de op te richten cooperatieve stoomzuivelfabriek te Marssum. Als opvolger voor den vertrekkenden beheerder werd benoemd de heer E. T. Piersma te Ried. Op eene gehouden vergadering van de leden dato 17 Juli 1897 nam de heer Veeman afscheid van deze vereeniging, die hij dus diende van 1893-1897.

   Aan den heer Piersma was nu het beheer opgedragen.

   In Januari 1898 werd een voorstel van het bestuur aangenomen om de melk uit te betalen volgens vetgehalte met eene speling van 2/10 % boven en beneden het gemiddelde vetgehalte waarvan niet werd bijbetaald en gekort. Men ziet dus, alweer vooruitgegaan, totdat de ledenvergadering in Januari 1899 besluit de grens te verschuiven tot 1/10 % boven en beneden het gemiddelde.

   In eene vergadering gehouden 20 Jan. 1900 werd een besluit genomen tot aanbouw van een steenen schoorsteen, omdat de bestaande ijzeren te laag was voor goeden trek en bouwvallig werd.

   In hetzelfde jaar 1900 werd op 15 Maart aangenomen . het voorstel van het bestuur 4 werkmanswoningen naast de fabriek te stichten. Na veel drukte met den laagsten inschrijver op dit werk werd de uitvoering aan dezen opgedragen voor f 3900.- zonder verfwerk etc., hetwelk bij latere uitbesteding werd toegezegd voor f 542.-.

 

   Het slechte "bedrijfswater" om de fabriek liet ook zijn nadeeligen invloed gelden op de stoomketels.

   Ze waren ook reeds bij de thans aanwezige melkaanvoer te klein. In Januari 1901 werd ook besloten de stoomketels te vernieuwen, de afdeeling machinekamergebouwen daarvoor te vergrooten en de indeeling te wijzigen. Er werden stoomketels aangeschaft van 26 M2 verwarmend oppervlak, die thans nog in gebruik zijn. Met den aanbouw ,,schoorsteen" was dit dus een flinke verbetering. Ook nog werd in deze vergadering aangenomen, dat er controle zou worden ingevoerd op de boekhouding.

  In dit zelfde jaar 1901 werd de fungeerende beheerder, de heer Piersma, als zoodanig benoemd te Giekerk en in diens plaats tot beheerder aangewezen de tegenwoordige titularis H. F. Bakker, destijds als zoodanig werkzaam te Oudebildtzijl. De heer Piersma vertrok 19 October 1901.

  

De techniek in het zuivelbedrijf ontwikkelde zich vlug en wilde men dus mee, dan moest in een reeds betrekkelijk oude bestaande inrichting af en toe verbeterd en aangebouwd worden. In Februari 1902 werd besloten tot uitbreiding van de pekellokaalruimte, die nogal gezocht werd in de ,,hoogte". In de praktijk bleek dit lastig en werd in Januari 1905 besloten in verband met eene uitbreiding van het kantoor de indeeling van het pekellokaal ,,ook nog wat" te wijzigen.

   In hetzelfde jaar 1905 werd een kaaspakhuis gesticht met nevengebouwen, op de plaats waar destijds twee kleine pakhuizen stonden. De ruimte van te voren was te klein en als kaasbewaarplaats slecht te noemen en thans, al weer tengevolge wijziging in de bereiding van dit product, soms nog te klein. Evenwel dient vermeld, dat de uitbreiding van veel belang is geweest; met het bestaande hadden we ons niet kunnen behelpen.

   In eene bijeenkomst op 24 April 1906 werd besloten vanaf 12 Mei dat jaar de uitbetaling der geleverde volle melk te doen plaats vinden volgens de berekening op zuiver vetgehalte. De stijging van het gemiddelde vetgehalte aan de fabriek houdt zonder twijfel ook eenig verband met dat besluit.

   In April 1907 werd vastgesteld, na reeds eenige jaren de duurzaamheid der melk van ieder afzonderlijk op de melk kaarten te hebben vermeld, ook bij de uitbetaling van den te betalen melkprijs daarmede rekening te houden. Vele onderzoekingen bij de veehouders afzonderlijk van iedere koe werden en worden nog uitgevoerd, en het groote en nuttige gevolg ervan is, dat. men hoe langer hoe meer de zindelijkheid bij het melken en melkbehandeling betracht. En zijn we er nu,? hoor ik u vragen, o neen, doch we houden vol en trachten den eindpaal te bereiken.

   Het jaar 1907 is, wat wijziging in het bedrijf zelve en daardoor tengevolge verandering van den inventaris in de fabriek, een zeer belangrijk jaar, waarvan we meer moeten noteeren. De indeeling der lokalen werd veranderd, de botermakerij werd verplaatst naar het lokaal der kaasmakerij, en de kaasmakerij werd met eenige wijziging overgebracht op de plaats waar de botermakerij zich bevond. De inventaris-verandering betrof het aanschaffen van twee karnkneders en roomzuurbassins. In het lokaal, alwaar te voren de roomzuring werd uitgevoerd, tusschen melkontvanglokaal en melk bewaarplaats, is thans de plaats voor de melkkoelers. Te voren werd de volle melk ter oprooming voor de verkazing weggezet in ,,koel vaten in bassinsö gevuld met koud stroomend water, thans geschiedt dit, na direct afgekoeld te zijn, over genoemde melkkoelers in groote melkbakken in de melkbbewaarplaats. Vele werktuigen, als melkweegbascule, melkvoorwarmer, melkpompen, werden vernieuwd. Thans echter naderen we weer den tijd, dat herstellingen van inventaris noodig zijn.

 

   In April 1908 werd in eene gehouden vergadering, waarin meerdere statutenwijziging werd behandeld, o.a. ook aangenomen, dat thans het college bestuur zal bestaan uit 5 personen, zonder een college plaatsvervangende bestuursleden, die wel geregeld de vergaderingen mee bijwoonden, doch bij gewonen gang geen stemrecht hadden.

   In November 1908 werd besloten op het terrein der stoom zuivelfabriek eene nieuwe directeurswoning te stichten. Geamoveerd werd daarvoor eene bestaande woning, in en aan de fabriek.

 

 

 

 

Uit de hand werd verkocht het perceel A29 hiervoren genoemd, aangekocht in 1894.

   In Juli 1910 werd besloten de fabriek langs de zuidzijde-kaasperslokaal, kaasmakerij en melkbewaarplaats - ongeveer 4 Meter te verbreeden. Dit gebeurde vooral met het oogmerk om meer breedte in de kaasmakerij te erlangen voor het plaatsen van 4 kaasbakken ad. 3000 L. inhoud ieder en het plaatsen van een 6de melkbak in de melkbewaarplaats.

   In April 1911 werd aangenomen een voorstel van verschillende leden om de ,,melkcontrole" vanwege de fabriek te doen uitgaan.  In verband daarmede werd de bestaande melkcontrolevereeniging opgedoekt en bij de fabriek ingelijfd met personeel, werktuigen etc.

   In het voorjaar 1912 werd de afdeeling machinekamergebouwen veranderd. De gebouwen zijn flink hoog opgetrokken, zoodat op het balklaag in het ketelhuis - ,,men loopt daaronder door zonder zich het hoofd te stooten" - een warmwaterbak is geplaatst van 8000 L. inhoud.

Boven het machinekamergebouw daarnaast zijn op een vloer, geconstrueerd van gewapend beton, aangebracht  2 weikuipen, ieder ruim 6000 L. inhoud.

 

   Ook werd besloten de kunstverlichting in de fabriek electrisch aan te leggen door aansluiting bij het net van de co÷peratieve centrale te Witmarsum. Voor een gedeelte wordt daarvan nog ook ,,krachtö betrokken. Een zeer belangrijk besluit in 1912 was wel de opzegging van melklevering aan derden op 26 Maart 1912. De ,,losse" leveranciers werden nu voor het feit gesteld ˇf lid van de vereeniging te worden ˇf de melk op eene andere wijze van de hand te doen.

   Wel een gedeelte van de leveranciers was dit besluit als ,,lid toe te treden"te ,,groot" of te ,klein" doch langzamerhand komen ze terug en verwerken we op 12 Mei 1913 weer de melk van bijna 1600 aangegeven koeien en nu van leden der vereeniging.

   Vanaf de oprichting 1888 tot heden 1913 hebben we de voornaamste zaken en besluiten onze vereeniging betreffende gememoreerd. Tengevolge de goede harmonie onder en de medewerking van de leden viert de vereeniging haar 25 jarig bestaan luisterijk en hoopt en vertrouwt ook het bestuur in de toekomst op den steun van alle leden der vereeniging.

 

Het Bestuur,

 

TH. HILVERDA, voorzitter.

S. D. V. D. STAAG, onder-voorz.

D. R. WITEMA, secretaris.

A. J. DE. VRIES, pl.v. secretaris.

S. C. TANJA, lid.

 

 

 

 

Hierachter laten wij volgen de namen der gefungeerd hebbende bestuursleden 1888-1913, een beschrijving van vereenigingen, waarbij onze zuivelfabriek is betrokken en aangebracht zijn in- en uitwendige foto's van de fabriek.

 

 

 

 

BESTUURSFUNCTI╦N SEDERT DE OPRICHTING.

 

Bestuur,                       - 1888 -               Pl.v.v. bestuur.

 

A, Draisma de Vries,   voorz.               L. Oosterbaan,                  pl.v.

D. M. Anema,               secr.                  R. Witema,                        pl.v.

L. W. Anema,             penn.                 H. Frietema,                     pl.v.

 

 

  - 1889 -

A, Draisma de Vries,   voorz.               L. Oosterbaan,                  pl.v.

D. M. Anema,               secr.                  R. Witema,                      pl.v.

L. W. Anema,             penn.                 H. Frietema,                     pl.v.

 

 

- 1890 -

 

A, Draisma de Vries,   voorz.               L. Oosterbaan,                 pl.v.

D. M. Anema,               secr.                  R. Witema,                      pl.v.

L. W. Anema,               penn.               H. Frietema,                    pl.v.

 

- 1891 -

 

A, Draisma de Vries,   voorz.               L. Oosterbaan,                 pl.v.

D. M. Anema,               secr.                  R. Witema,                      pl.v.

L. W. Anema,               penn.                . Frietema,                    pl.v.

 

 

 - 1892 -

 

A, Draisma de Vries,        voorz.                J. J. Smit,                             pl.v.

D. M. Anema,               secr.                 R. Witema,                       pl.v.

L. W. Anema,              penn.                H. Frietema,                   pl.v.

 

 

- 1893 -

 

A, Draisma de Vries,   voorz.              J.J. Smit,                           pl.v.

D. M. Anema,              secr.                 R. Witema,                       pl.v.

L. W. Anema,             penn.                H. Frietema,                    pl.v.

 

 

- 1894 -

 

A, Draisma de Vries,   voorz.              J.J. Smit,                           pl.v.

R. Witema,                  secr.                 H.G .v.d. Meij,                    pl.v.

L. W. Anema,             penn.                H. Frietema,                      pl.v.

 

 

- 1895 -

A, Draisma de Vries,   voorz.              J.J. Smit,                            pl.v.

R. Witema,                  secr.                  H.G .v.d. Meij,                  pl.v.

L. W. Anema,             penn.                H. Frietema,                     pl.v.

bedankt 11 April 1895 en

wordt daarvoor gekozen

W. Hoogterp,               penn.

 

 

- 1896 -

 

A, Draisma de Vries,   voorz.               J.J. Smit,                             pl.v.

R. Witema,                   secr.                  H.G .v.d. Meij,                   pl.v.

W. Hoogterp,               penn.                H. Frietema,                      pl.v.

 

 

- 1897 -

 

A, Draisma de Vries,   voorz.               J.J. Smit,                            pl.v.

R. Witema,                   secr.                  W.R. Schuiling,                pl.v.

W. Hoogterp,               penn.                H. Frietema,                     pl.v.

overleden in 1897.

 

 

- 1898 -

 

AA, Draisma de Vries,   voorz.              J.J. Smit,                           pl.v.

            bedankt 16 Juli en

wordt gekozen

J. Hibma Bzn,                         voorz.

R. Witema                   secr.                          Th. Hilverda                        pl.v.     

                                                                        Gekozen voor W.R.

                                                                        Schuiling

W. Hoogterp,               penn.                       G.W. Hilverda                        pl.v.                 

bedankt 16 April 1898 en

wordt gekozen

W. R. Schuiling,            penn

 

 

- 1899 -

 

J. Hibma Bzn.,               voorz.               A. J. Anema,                        pl.v.

R. Witema,                       secr.`                 Th. Hilverda                      pl.v.

W. R. Schuiling,             penn.                J.A. Bijlsma,                      pl.v.

 

 

- 1900 -

 

J. Hibma Bzn.,               voorz.               A .J. Anema,                        pl.v.

R. Witema,                      secr.`                 Th. Hilverda                       pl.v.

            Overleden in 1900, daarvoor                        wordt bestuurslid, daar-

            14 Juli gekozen                                     voor 14 Juli gekozen

J.A. Bijlsma                    secr.                 J. T. Anema                          pl.v.

W. R. Schuiling,             penn.               J. A. Bijlsma,                      pl.v.

            Bedankt im 1900, daarvoor                      wordt bestuurslid, daar-

            14 Juli gekozen                                                voor 14 Juli gekozen

Th. W. Hilverda            penn.                L.C. Blanksma,                   pl.v.

 

 

- 1901 -

 

J. Hibma Bzn.,                   voorz.                  A .J. Anema,                        pl.v.

J.A. Bijlsma                   secr.                   J. T. Anema                      pl.v.

Th. W. Hilverda            penn.                L.C. Blanksma,                pl.v.

 

 

- 1902 -

 

J. Hibma Bzn.,            voorz.               A .J. Anema,                         pl.v.

J.A. Bijlsma                 secr.                 R. P. Dijkstra                       pl.v.

Th. W. Hilverda              penn.                  J. T. Anema                             pl.v.

 

 

- 1903

 

J. Hibma Bzn.,          voorz.               A .J. Anema,                        pl.v.

            bedankt 14 Jan 1903 en

            wordt

Th. W. Hilverda          voorz.

J.A. Bijlsma                  secr.              R. P. Dijkstra                      pl.v.

            overleden in 1903

J. L. v. d. Burg             penn.                    J. T. Anema                            pl.v.

            Gekozen 14 Jan. Voor J.

            Hibma Bzn

 

 

- 1904

 

Th. Hilverda                voorz.               P. S. Siderius                       pl.v.

                                                                        Gekozen voor A. J. Anema

D. R. Witema,              secr.                 R. P. Dijkstra                       pl.v.

gekozen voor J. L. v. d.

Burg die vertrekt als lid.

A. J. Anema,                penn.                J.  T. Anema                        pl.v.

gekozen voor J. A. Bijlsma

overleden.

  

- 1905 -

 

Th. Hilverda                voorz.                    P. S. Siderius                       pl.v.

D. R. Witema,              secr.                 R. P. Dijkstra                       pl.v.

A. J. Anema,                penn                 J.  T. Anema             pl.v.

 

                                                - 1906  -

Th. Hilverda                voorz.               P. S. Siderius                       pl.v.

S. J. Wiersema,              secr.                R. P. Dijkstra                       pl.v.

D. R. Witema,                   penn.                 G. F. v. d. Zee                        pl.v.

 

 

- 1907 -

Th. Hilverda                voorz.               P. S. Siderius                       pl.v.

S. J. Wiersema,             secr.                 A. J. de Vries                      pl.v.

D. R. Witema,                  penn.                  G. F. v. d. Zee                         pl.v.

 

 

- 1908 -

 

Th. Hilverda                     voorz.                S. D. v. d. Staag,                  o.voorz.

D. R. Witema               secr.                 A. .J. de Vries,                 2e secr.

A. J. Anema,             lid.

 

- 1909 -

 

Th. Hilverda                    voorz.               S. D. v. d. Staag,                 o.voorz.

D. R. Witema               secr.                 A. .J. de Vries,               2e secr.

S. C. Tanja,            lid.

 

   Sedert 1909 kwam in het bestuur geene verandering, dus:

 

 

- 1913 -

 

Th. Hilverda,                  voorz.                  S. D. v. d. Staag,           o.voorz.

D. R. Witema,             secr.                  A. J. de Vries,               2e secr.

S. C. Tanja,             lid.

 

 

Nog wenschen wij te memoreeren een feit, dat onze aandacht vraagt, n.l. dat de leden-veehouders H. H. Veeman, R. P. Dijkstra en P. T. Groenewoud sedert de oprichting der vereeniging, dus ook 25 achtereenvolgende jaren, de melk aan de fabriek hebben geleverd.

Hetzelfde geschiedde aan de boerderij van de Wed. J. Koudenburg, de mede-oprichter zelf overleed echter spoedig. Zij dus zullen zonder twijfel het heugelijke van het feit gevoelen, omdat door hunne medewerking de vereeniging tot stand kwam en nu onder gunstige omstandigheden haar ,,kwart eeuws"jubileum mag eeren.

 

 

 

 

 

BESCHRIJVING VAN VEREENIGINGEN

WAARBIJ ONZE ZUIVELFABRIEK IS

BETROKKEN.

 

   Het te voren geschrevene van onze vereniging betreft haar als cooperatieve zuivelfabriek alleen, op zich zelf. Evenwel zou zij, was ze alleen blijven staan, zooals de veehouder voor 25 jaren op zich zelf stond, niet zijn, wat ze nu is. Ook de zuivelfabriek als vereeniging gevoelde al spoedig behoefte aan organisatie. De verschillende opgerichte cooperatieve vereenigingen hadden in vele opzichten dezelfde belangen, b.v. een vertrouwd handelsmerk, goede en niet te dure hulpstoffen, kringen van ondersteuning bij stoornis in het bedrijf enz. enz. Een onvermijdelijk gevolg hiervan moest worden, dat de bestaande cooperatieve zuivelfabrieken steun bij elkander zochten, er moest een centraal, punt komen, waar men elkander bereikte. Dit kwam in 1897 door de oprichting van den Bond van cooperatieve zuivelfabrieken in Friesland.

 

Deze bond werd opgericht door 43 zuivelfabrieken, ook onze vereeniging was vanaf den beginne lid. De werkzaamheden van den Bond, die zich van jaar tot jaar uitbreiden, zijn belangrijk geworden. Te voren noemden we al een paar zaken, nog kunnen we memoreeren, als van de meest belangrijke zaken: het invoeren van de (wekelijksche) boterkeuringen en kaaskeuringen, het instellen van de cursussen voor het personeel werkzaam aan de coop. zuivelfabrieken, controle op de boekhouding, controle op de benoodigde hulpstoffen, de commissie voor landbouwco÷peratie ter bevordering en ontwikkeling van het beginsel in de co÷peratie weggelegd; van den laatsten tijd de cooperatieve stremsel- en kleurselfabriek, werd uit en door de leden van den Bond opgericht, de cooperatieve zuivelbank tot regeling der geldzaken van de aangesloten vereenigingen werd opgericht en nog is in voorbereiding het oprichten eener co÷peratieve vereeniging ter bereiding van melkproducten. En thans zijn 82 cooperatieve zuivelfabrieken in Friesland, jaarlijks verwerkende +/- 365 millioen K.G. melk, lid van den Bond. Men mag wel aannemen, dat de uitbreiding wijst op het groote nut dezer instelling.

   En wat geschiedde nu in den loop der jaren in de andere provinciŰn van ons vaderland? Precies hetzelfde wat in Friesland plaats had, ook daar werden cooperatieve zuivelfabrieken opgericht, die zich in een Provincialen Bond vereenigden.

   De verschillende provinciale bonden in ons vaderland vereenigden zich in 1900 wederom in ÚÚn groote organisatie, de Algemeene Nederlandsche Zuivelbond gevestigd te 's Gravenhage. Deze groote organisatie waakt voor de belangen van alle cooperatieve zuivelfabrieken in Nederland. Vele algemeen nuttige zaken, b.v. bestrijding der boterknoeierijen in het zuiden des lands, 't zoeken voor een afzetgebied van boter, toepassing van het verzekeringswezen enz., hielp zij mee bevorderen.

   Het is een lichaam, gezeteld in den Haag, met welks bestaan de regeering voeling houdt waar het betreft aangelegenheden op zuivelgebied. Aldus hebben wij medegewerkt tot den opbouw van zeer bloeiende, nuttige organisaties op zuivelgebied, welke van groote beteekenis zijn voor het gansche land.

 

 

 

 

                                                            ________

 

Een vereeniging, waarbij ook onze zuivelfabriek als deelgenoote is aangesloten, meenen wij nog te moeten noemen. Wij bedoelen de Friesche Co÷peratieve Zuivel-Export Vereeniging te Leeuwarden. In 1898 waren er 6 co÷peratieve zuivelfabrieken, waarbij ook de onze, die het besluit namen tot oprichting dezer handels. vereeniging.

   Men zag in dat de afzet van de boter op eene andere wijze geregeld moest en de kleine onderlinge concurrentie door een beter handelssysteem moest worden vervangen.

   Het begin was klein, de eerste zending van deze 6 fabrieken bedroeg 14/ 3 vaten of 700 K.G. boter. De zaak was echter toen gezond en breidde zich gestadig uit. In 1901 werd aan de vereeniging een directeur verbonden, die met de algemeene leiding werd belast.

   De ingeslagen weg scheen goed gekozen, want meerdere co÷peratieve zuivelfabrieken sloten zich als deelgenoote aan en werd bij de opening van het Landbouwhuis te Leeuwarden een belangrijk gedeelte hiervan bestemd voor kantoor en pakhuis der Friesche Co÷p. Zuivel-Export Vereeniging.

 

Tengevolge de opname van de Cheddar- en Cheshire kaassoorten in den afzet der Export- Vereeniging, het aannemen van leveringen tinboter voor KoloniŰn en  Marine en de aanvraag van buitenlandsche afnemers van stevige, overgekoelde boter werd in 1909 besloten tot aankoop van een eigen gebouw aan de Willemskade Z.Z. (Wagenplein Oostelijke zijde) en dit perceel in te richten voor koelhuis enz. Het kantoor der Exportvereeniging werd nog gehouden in het Landbouwhuis. Het groote ongerief van deze zaken op eenigen afstand bleek spoedig, terwijl ook de kantoorruimte te klein werd. In 1912 werd het westelijk gedeelte hoek Wagenplein Willemskade Z.Z. aangekocht en een ondergedeelte ingericht  voor kantoren, die er royaal en flink uitzien.

   Wij zien des Vrijdags op weg naar de Veemarkt aan weerszijden van het Wagen plein een gebouw waarop in groote duidelijke letters is aangebracht Friesche Co÷peratieve Zuivel Export-Vereeniging.

   Ziet medeleden onzer co÷peratieve zuivelfabriek, door het eendrachtig samenwerken van vele veehouders in Friesland zijn deze gebouwen een bezit van Frieslands boeren, waarop ze trotsch mogen zijn. Het is een sprekend beeld van 't geen door samenwerking is te verkrijgen.

   Bij de oprichting aangesloten 6 fabrieken, jaarlijksche omzet 364,875 K.G. boter, en thans aangesloten 31 fabrieken met een jaarlijksche omzet aan boter van 3,830,608 K.G.

 

HET BESTUUR.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

    terug